Bij de verleggingsregeling wordt de btw niet door de leverancier aan de klant gefactureerd, maar verleg je de btw naar de afnemer. Dat betekent dat je geen btw op uw factuur zet, en de afnemer (bijvoorbeeld de aannemer) de btw zelf aangeeft en betaalt aan de Belastingdienst.
Naam, adres, en KvK-nummer van je onderneming
Je Nederlandse btw-nummer begint met NL
Uniek en opeenvolgend nummer voor elke factuur
De datum waarop je de factuur opmaakt
Duidelijke omschrijving van het werk, inclusief uren en materialen
Het bedrag van de vergoeding, exclusief btw
Bij verlegging: "btw verlegd" met verwijzing naar artikel 12 lid 5 Wet OB
In de bouwsector geldt de verleggingsregeling vooral bij onderaanneming en het uitlenen van personeel. Dat betekent dat je btw verlegt als je werkt voor een aannemer of hoofdaannemer en fysieke werkzaamheden uitvoert zoals:
Deze regeling geldt alleen voor werk van stoffelijke aard op onroerende zaken. Werk dat vooral bestaat uit ontwerp, planning of kantoorwerk valt daar niet onder.
Stel dat je als ZZP’er een deel van een bouwklus uitvoert voor een hoofdaannemer:
Je voert de werkzaamheden uit (bijvoorbeeld isolatie, schilderwerk of installaties).
Zet op de factuur: "Btw verlegd naar afnemer op grond van artikel 12 lid 5 Wet OB 1968". Zonder deze tekst is de factuur ongeldig.
Je factureert het nettobedrag. Je klant draagt de btw af aan de Belastingdienst. Jij hoeft geen btw af te dragen over dit bedrag.
Er zijn situaties waarin je de btw niet mag verleggen, bijvoorbeeld als:
In zulke gevallen moet je wél gewoon btw rekenen en op de factuur zetten.